De boetedoening voor bijgeloof in (slechte) voortekenen - Shaykh Khâlid ibn Dahwî adh-Dhafîrî (حفظه الله)

op .

En de Profeet (صلى الله عليه وسلم) heeft haar boetedoening verduidelijkt, voor wie daar iets van vindt in zichzelf.
 
Op gezag van 'Abdullâh ibn 'Amr (رضي الله تعالى عنهما) die zei : De Boodschapper van ALLAH (صلى الله عليه وسلم) heeft gezegd : "Wie zich door tiyara (bijgeloof in voortekenen a.d.h.v. vogels) ervan laat weerhouden iets te doen, heeft shirk gepleegd." Ze zeiden : "O Boodschapper van ALLAH, wat is de boetedoening daarvoor ?" Hij zei : "Dat iemand zegt : "Allâhumma lâ khayra illâ khayruka wa lâ tayra illâ tayruka wa lâ ilâha ghayruka (O ALLAH, er is geen goeds behalve het goede van U, en geen vogels behalve van U, en er is geen god (aanbidding waardig) behalve U)" "
 
[Vertaling : ابو معاذ محمد داود]
 

De rechten van de echtgenote - Shaykh 'Abd ar-Razzâq al-'Abbâd (حفظه الله ورعاه)

op .

Hij zei : "Ik zei : "O Boodschapper van ALLAH, wat is het recht van de echtgenote van één van ons op (haar echtgenoot) ?" "
 
Wat is het recht van de echtgenote van één van ons op (haar echtgenoot) ... ? Zie hoe mooi deze vraag is ... ! Dit is een uitmuntende metgezel.
 
Wanneer de metgezellen (رضي الله عنهم) een vraag stelden, stelden ze die niet uitsluitend omwille van de kennis. Ze stelden die enkel om ze toe te passen en ernaar te handelen. Deze uitmuntende metgezel (رضي الله عنه وأرضاه) zei : "Wat is het recht van de echtgenote van één van ons op (haar echtgenoot) ?" Vele mensen, indien ze in zijn plaats waren geweest, hadden welke vraag gesteld ?
 
(Hun vraag zou eerder geweest zijn : ) "Wat is mijn recht op mijn echtgenote ?" Vele mensen zouden zeker deze vraag gesteld hebben : "Wat is mijn recht op mijn echtgenote ?"
 
Maar beschouw dit nobele gedrag. Hij (رضي الله عنه) zegt : "Wat is het recht van de echtgenote van één van ons op (haar echtgenoot) ?" Hij antwoordde : "Dat je haar eten geeft als je eet, en dat je haar kleedt als je je kleedt. En dat je het gezicht niet slaat, en dat je haar niet beschimpt, en dat je je niet van haar verwijdert, behalve in huis."
 
Dit zijn verplichte rechten voor de vrouw.
 
Hij (عليه الصلاة والسلام) zei : "Dat je haar eten geeft als je eet, en dat je haar kleedt als je je kleedt." D.w.z. dat je haar te eten geeft van datgene waar je van eet en van de soort waarvan je eet. En dat je haar ook kleedt met datgene dat overeenkomt met hetgeen waarmee je jezelf kleedt. Als hij rijk is, geeft hij haar bijvoorbeeld geen armzalige kleren, terwijl hij zelf luxueuze kledij draagt.
 
لِيُنفِقۡ ذُو سَعَةٍ۬ مِّن سَعَتِهِۦ‌ۖ وَمَن قُدِرَ عَلَيۡهِ رِزۡقُهُ ۥ فَلۡيُنفِقۡ مِمَّآ ءَاتَٮٰهُ ٱللَّهُ‌ۚ
 
"Laat de welvarende besteden volgens zijn welvaart. En degene wiens voorzieningen beperkt zijn, laat hem besteden van wat ALLAH hem gegeven heeft." [S. at-Talâq, v. 7]
 
"En sla niet op het gezicht." D.w.z. dat als de man de nood ziet om zijn echtgenote te disciplineren en de kwestie het punt bereikt waarop het noodzakelijk is om te slaan, moet oppassen voor het slaan op het gezicht, omwile van de waardigheid van het gezicht. Dit enerzijds. En anderzijds omdat zich in het gezicht zintuigen bevinden. Misschien zal een slag in het gezicht het zintuig van het gehoor beschadigen. Of zal het bijvoorbeeld het zintuig van het gezicht beschadigen. En dit is bovenop de ernstige vernedering die zich bevindt in het slaan op het gezicht. Bij het slaan beweegt de hand over het algemeen naar het gezicht, want de woede komt over het algemeen vanuit de richting van het gezicht. Ze zegt hem bijvoorbeeld iets of ze antwoordt hem, en wat hem stoort, komt uit haar mond. Over het algemeen richt de slag zich dus op het gezicht. Hij (عليه الصلاة والسلام) heeft daar dus tegen gewaarschuwd. Wat de fout ook moge zijn die de vrouw heeft begaan, het is de man niet toegestaan om haar te slaan op haar gezicht. Niet met de vlakke hand, niet met de vuist, niet met een hulpmiddel en niet met iets anders dan dat.
 
Hij zei : "Beschimp haar niet." Beschimp haar niet ... D.w.z. niet in woorden en niet in de betekenis. "Beschimp haar niet" d.w.z. zeg bijvoorbeeld niet : "Moge ALLAH jou lelijk maken" of "O lelijke" of "Jij komt van een afschuwelijk huis" of dergelijke woorden. Of wat daarop lijkt aan betekenissen : "O verachtelijke", "O afschuwelijke", "O onbeduidende", "O verwerpelijke", en dergelijke verwoordingen. Dit is allemaal niet toegestaan. Dat alles is niet toegestaan. De persoon moet oppassen en zijn tong beschermen tegen dergelijke woorden.
 
Hij zei : "En dat je haar niet beschimpt, en dat je je niet van haar verwijdert, behalve in huis." Wanneer de verwijdering gebeurt in huis, dan is de situatie (d.w.z. de ruzie) wat ? Verborgen. Het probleem dat er thuis is, is niet verspreid onder de mensen en in de maatschappij, maar de kwestie is verborgen. Want als ze verspreid is, zal er in de ziel iets blijven bij het terugkeren en (andere) partijen kunnen zich ermee bemoeien waardoor de zaak misschien erger wordt. Maar als de persoon ernaar streeft dat de zaak binnenshuis blijft en de zaak verborgen blijft in huis, dan is dat minder erg en meer bevorderlijk voor het voortduren van de harmonie, de echtelijke gemeenschap en de liefde.
 
[Vertaling : ابو معاذ محمد داود]
 

Hoe moeten we kijken naar de toekomst ? - Shaykh Sâlih Âl ash-Shaykh (حفظه الله ورعاه)

op .

Hoe moeten de dienaren kijken (naar de toekomst) ? Het is noodzakelijk dat ze altijd over de toekomst denken dat ze goed zal zijn, want ALLAH (جل وعلا) houdt van optimisme bij ZIJN dienaar. ALLAH (جل وعلا) houdt niet van pessimisme, noch van pessimisten. HIJ houdt bij ZIJN dienaren dus van optimisme, en optimisme is het goede woord. En met haar, de goede gedachte die de borst (d.w.z. het hart) opent.
 
Evenzo houdt ALLAH (جل وعلا) er bij ZIJN dienaar van dat hij over HEM denkt dat HIJ zijn zorgen verdrijft. En daarom behoort het hebben van slechte vermoedens over ALLAH (جل وعلا) tot de eigenschappen van al-Jâhiliyya. En tot de slechte vermoedens behoort dat je denkt dat ALLAH (جل وعلا) jou het slechte aandoet.
 
En als de shaytân naar jou toekomt (met deze gedachte), dan is het noodzakelijk dat je hem verdrijft uit je ziel, of wie rondom jou is of andere, en dat je altijd het goede denkt over ALLAH.
 
Wij - en alle lof is aan ALLAH - in ons gezegende land, het koninkrijk van Saoedi-Arabië, zijn van ALLAH (جل وعلا) enkel gewend aan het goede en aan de vergeving van de gevolgen van zonden in dit wereldse leven, en dat ALLAH (جل وعلا) ons de vergeving schenkt - waar wij op hopen - van de gevolgen van de zonden in het Hiernamaals, en dat HIJ ons meer geeft dan wat we hopen. En dat is wat we al decennia hebben meegemaakt. En wij hebben van onze HEER enkel het goede gezien. En dat is wat we zien voor de toekomst. Wij zien in de toekomst enorm goeds dat komt en zal komen. En wij zien verlossing van zorgen in al haar vormen, die komt en zal komen met ZIJN (تعالى) toestemming.
 
En deze grootse zaak, nl. het openen van de borst (d.w.z. hart) door goede vermoedens te hebben over ALLAH, is één van de fundamenten van de geloofsovertuiging.
 
[Vertaling : ابو معاذ محمد داود]