Middel 16 : Zich met smeekbeden tot Allah richten - Shaykh 'Abd ar-Razzâq al-'Abbâd (hafidhahullâh)

op . Gepost in De 20 middelen om zich te ontdoen van zonden

De zestiende zaak van hetgeen de imam Ibn al-Qayyim (rahimahullâh ta'âlâ) vermeld heeft :

Het zich blootstellen van de dienaar aan Degene Die de harten tussen twee van Zijn Vingers heeft, Degene Die het verloop van (alle) zaken in Handen heeft, en Degene (subhânahu wa ta'âlâ) aan Wiens regie en onderwerping de dienaren gehoorzaam zijn.

Wanneer de harten zich blootstellen aan Degene (subhânahu) Wiens situatie zo is, zich naar Hem kerend, op Hem vertrouwend en zich vastklampend aan Hem ...

وَمَنْ يَعْتَصِمْ بِاللَّهِ فَقَدْ هُدِيَ إِلَى صِرَاطٍ مُسْتَقِيمٍ

"En wie zich vastklampt aan Allah zal zeker geleid worden naar een recht Pad." [S. Âl 'Imrân, v. 101],

en bij Hem aandringend dat Hij je zou helpen, dat Hij je beschermt, dat Hij je bewaakt en dat Hij je behoedt ...

En in deze betekenis zijn er vele smeekbeden overgeleverd van onze Profeet ('alayhi s-salâtu was-salâm). En wie smeekbede verrichten en oprecht toevlucht zoekt, hem zal antwoord gegeven worden.

Allah (subhânahu wa ta'âlâ) heeft gezegd :

وَقَالَ رَبُّكُمُ ادْعُونِي أَسْتَجِبْ لَكُمْ إِنَّ الَّذِينَ يَسْتَكْبِرُونَ عَنْ عِبَادَتِي سَيَدْخُلُونَ جَهَنَّمَ دَاخِرِينَ

"En jullie Heer zei : 'Roep Mij aan, Ik zal jullie verhoren. Voorwaar, degenen die te hoogmoedig zijn om Mij te dienen, zullen de Hel binnengaan als vernederden.' " [S. Ghâfir, v. 60]

En Hij (subhânahu) heeft gezegd :

وَإِذَا سَأَلَكَ عِبَادِي عَنِّي فَإِنِّي قَرِيبٌ أُجِيبُ دَعْوَةَ الدَّاعِ إِذَا دَعَانِ

"En wanneer Mijn dienaren jou vragen stellen over Mij : voorwaar, Ik ben nabij. Ik verhoor de smeekbede van de smekende wanneer hij tot Mij smeekt." [S. al-Baqara, v. 186]

En daarom is het voor jou voorgeschreven om elke keer je je huis verlaat, je toevlucht te zoeken bij Allah : "O Allah ik zoek mijn toevlucht bij U tegen het feit iemand te laten afdwalen of zelf af te dwalen, tegen het maken van een fout of het leiden tot een fout, tegen het onrechtvaardig zijn of het ondergaan van onrechtvaardigheid, tegen onwetendheid of slachtoffer van onwetendheid te zijn."

Dit is een immens onderwerp en wie slaagt in deze zaak en oprecht is in zijn toevlucht zoeken bij Allah (subhânahu wa ta'âlâ), dan zal zijn Heer hem beschermen, hem bewaken en hem behoeden. En als hij zegt - zoals het gekomen is in de hadith - als de man zijn huis verlaat, dat hij dan zegt : "In de Naam van Allah, stel ik mijn vertrouwen in Allah, er is geen macht en geen kracht buiten Allah," dan zal er gezegd worden (tegen hem) : "Je wordt geleid, je wordt gered en je wordt beschermd." En een duivel zal zeggen tegen een andere : "Wat valt er te doen tegen degene die geleid en gered en beschermd is ?"

En dat verduidelijkt ons de waarde van de voorgeschreven awrâd (mv. van wird, een portie van de Koran), en van de (authentiek) overgeleverde adhkâr en van het goed toevlucht zoeken bij Allah (subhânahu wa ta'âlâ) in dit grootse hoofdstuk, het hoofdstuk van bescherming tegen zonden en het wegblijven daarvan.

[Vertaling : ابو معاذ محمد داود]